ausbrennen

Lëtzebuergesch
English
to burn out
Français
brûler
Deutsch
ausbrennen
Woordsoort
VRB
Hulpwerkwoord
sinn
Voltooid deelwoord
ausgebrannt

Uitspraak (IPA)

[ˈæːʊsbʀænən]

Betekenissen en vertalingen

Betekenis 1

Deutsch
ausbrennen (durch Feuer zerstört werden)
Français
brûler (se consumer par le feu)
English
to burn out (to be destroyed by fire)
Português
arder (consumir-se pelo fogo)
Nederlands
uitbranden (door brand verwoest worden)
Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • aus
  • ausbrennen
  • ausbrennt
  • ausgebrannt
  • auszebrennen

Voorbeeldzinnen

  1. d'Autoe si komplett ausgebrannt

    Betekenis: uitbranden

  2. no der Gasexplosioun am Keller ass d'Haus bis op d'Maueren ausgebrannt

    Betekenis: uitbranden

  3. ech fille mech wéi ausgebrannt

    spreektaal

    Betekenis: uitbranden

Werkwoordvervoeging

Infinitief
ausbrennen
Voltooid deelwoord
ausgebrannt
Hulpwerkwoord
sinn
Aantonende wijs · Tegenwoordige tijd
hien / hatt / si
brennt aus
si
brennen aus
Aantonende wijs · Voltooid tegenwoordige tijd
hien / hatt / si
ass ausgebrannt
si
sinn ausgebrannt
Aantonende wijs · Voltooid verleden tijd
hien / hatt / si
war ausgebrannt
si
waren ausgebrannt
Voorwaardelijke wijs · Tegenwoordige tijd
hien / hatt / si
géif / géing ausbrennen
si
géifen / géingen ausbrennen
Voorwaardelijke wijs · Verleden tijd
hien / hatt / si
wier ausgebrannt
si
wieren ausgebrannt

Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0

→