bedroen
Lëtzebuergesch
- English
- to threaten
- Français
- menacer
- Deutsch
- bedrohen
- Woordsoort
- VRB
- Synoniem
- menacéieren
- Hulpwerkwoord
- hunn
- Voltooid deelwoord
- bedrot
Uitspraak (IPA)
[bədʀˈoːən]
Betekenissen en vertalingen
Betekenis 1
- Deutsch
- bedrohen (verängstigen, einschüchtern)
- Français
- menacer (intimider)
- English
- to threaten
- Português
- ameaçar (intimidar)
- Nederlands
- bedreigen
Synoniemen
menacéieren
Spellingvarianten
Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.
- bedro
- bedroen
- bedros
- bedrot
- bedrotem
- bedroten
- bedroter
Voorbeeldzinnen
den Déif huet säin Affer mam Messer bedrot
Betekenis: bedreigen
wann en Hond sech bedrot fillt, da kéint en emol bäissen
Betekenis: bedreigen
Werkwoordvervoeging
- Infinitief
- bedroen
- Voltooid deelwoord
- bedrot
- Hulpwerkwoord
- hunn
Aantonende wijs · Tegenwoordige tijd
- ech
- bedroen
- du
- bedros
- hien / hatt / si
- bedrot
- mir
- bedroen
- dir
- bedrot
- si
- bedroen
Aantonende wijs · Voltooid tegenwoordige tijd
- ech
- hu bedrot
- du
- hues bedrot
- hien / hatt / si
- huet bedrot
- mir
- hu bedrot
- dir
- hutt bedrot
- si
- hu bedrot
Aantonende wijs · Voltooid verleden tijd
- ech
- hat bedrot
- du
- has bedrot
- hien / hatt / si
- hat bedrot
- mir
- hate bedrot
- dir
- hat bedrot
- si
- hate bedrot
Voorwaardelijke wijs · Tegenwoordige tijd
- ech
- géif / géing bedroen
- du
- géifs / géings bedroen
- hien / hatt / si
- géif / géing bedroen
- mir
- géifen / géinge bedroen
- dir
- géift / géingt bedroen
- si
- géifen / géinge bedroen
Voorwaardelijke wijs · Verleden tijd
- ech
- hätt bedrot
- du
- häss bedrot
- hien / hatt / si
- hätt bedrot
- mir
- hätte bedrot
- dir
- hätt bedrot
- si
- hätte bedrot
Gebiedende wijs · Tegenwoordige tijd
- du
- bedro!
- dir
- bedrot!
Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0
→