Bewäis

Lëtzebuergesch
English
evidence; to demonstrate
Français
preuve [indice probant]; prouver [révéler, donner des marques de]
Deutsch
Beweis [Nachweis]; unter Beweis stellen
Woordsoort
SUBST M
Meervoud
Beweiser

Uitspraak (IPA)

[bəvˈæːɪs]

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • Bewäis
  • Beweiser

→