epidemesch

Lëtzebuergesch
English
epidemic
Français
épidémique
Deutsch
epidemisch
Woordsoort
ADJ

Uitspraak (IPA)

[epidˈeːməʃ]

Bijvoeglijke naamwoordsvormen

Bijvoeglijke naamwoordsvormen →
Bijvoeglijke naamwoordsvormenLëtzebuergesch
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Nominatiefepidemeschen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Accusatiefepidemeschen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Datiefepidemeschen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Genitiefepidemeschen
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Nominatiefepidemesch
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Accusatiefepidemesch
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Datiefepidemescher
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Genitiefepidemescher
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Nominatiefepidemescht
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Accusatiefepidemescht
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Datiefepidemeschen
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Genitiefepidemeschen
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Nominatiefepidemesch
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Accusatiefepidemesch
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Datiefepidemeschen
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Genitiefepidemescher
Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • epidemesch
  • epidemeschem
  • epidemeschen
  • epidemescher
  • epidemescht

→