erstrecken
Lëtzebuergesch
- English
- to stretch (over)
- Français
- s'étendre (sur)
- Deutsch
- sich erstrecken (über)
- Woordsoort
- VRB
- Hulpwerkwoord
- hunn
- Voltooid deelwoord
- erstreckt
Uitspraak (IPA)
[ɐʃtʀˈækən]
Betekenissen en vertalingen
Betekenis 1
- Deutsch
- sich erstrecken (über) (räumlich oder zeitlich)
- Français
- s'étendre (sur) (dans l'espace ou dans le temps)
- English
- to stretch (over)
- Português
- estender-se (por) (no espaço ou no tempo)
- Nederlands
- zich uitstrekken (over); bestrijken (in de ruimte, in de tijd)
Spellingvarianten
Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.
- erstrecken
- erstreckt
- sech erstrecken
- sech erstrecken (iwwer)
Voorbeeldzinnen
den Domän erstreckt sech vun dësem Wee bis dohanne bei d'Baach
Betekenis: zich uitstrekken (over); bestrijken
d'Auswanderung vun de Lëtzebuerger an Amerika erstreckt sech iwwer e puer Joerzéngten
Betekenis: zich uitstrekken (over); bestrijken
Werkwoordvervoeging
- Infinitief
- erstrecken
- Voltooid deelwoord
- erstreckt
- Hulpwerkwoord
- hunn
Aantonende wijs · Tegenwoordige tijd
- hien / hatt / si
- erstreckt sech
- si
- erstrecken sech
Aantonende wijs · Voltooid tegenwoordige tijd
- hien / hatt / si
- huet sech erstreckt
- si
- hunn sech erstreckt
Aantonende wijs · Voltooid verleden tijd
- hien / hatt / si
- hat sech erstreckt
- si
- haten sech erstreckt
Voorwaardelijke wijs · Tegenwoordige tijd
- hien / hatt / si
- géif / géing sech erstrecken
- si
- géifen / géingen sech erstrecken
Voorwaardelijke wijs · Verleden tijd
- hien / hatt / si
- hätt sech erstreckt
- si
- hätten sech erstreckt
Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0
→