evangelesch

Lëtzebuergesch
English
Protestant
Français
protestant(e)
Deutsch
evangelisch
Woordsoort
ADJ

Bijvoeglijke naamwoordsvormen

Bijvoeglijke naamwoordsvormen →
Bijvoeglijke naamwoordsvormenLëtzebuergesch
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Nominatiefevangeleschen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Accusatiefevangeleschen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Datiefevangeleschen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Genitiefevangeleschen
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Nominatiefevangelesch
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Accusatiefevangelesch
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Datiefevangelescher
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Genitiefevangelescher
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Nominatiefevangelescht
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Accusatiefevangelescht
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Datiefevangeleschen
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Genitiefevangeleschen
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Nominatiefevangelesch
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Accusatiefevangelesch
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Datiefevangeleschen
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Genitiefevangelescher
Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • evangelesch
  • evangeleschem
  • evangeleschen
  • evangelescher
  • evangelescht

→