fisemen

Lëtzebuergesch
English
to lose fluff; to drizzle
Français
boulocher; bruiner
Deutsch
fusseln; nieseln
Woordsoort
VRB
Hulpwerkwoord
hunn
Voltooid deelwoord
gefisemt

Uitspraak (IPA)

[fˈizəmən]

Betekenissen en vertalingen

Betekenis 1

Deutsch
fusseln
Français
pelucher; boulocher
English
to pill; to lose fluff
Português
largar pelos (de tecido)
Nederlands
pluizen

Betekenis 2

Deutsch
nieseln
Français
bruiner
English
to drizzle
Português
chuviscar
Nederlands
motregenen; miezeren

Gebruiksnotities

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • fisemen
  • fisemt
  • gefisemt

Voorbeeldzinnen

  1. däi Schal fisemt , du hues schonn de ganze Paltong voll!

    Betekenis 1: pluizen

  2. et fisemt nëmmen, du brauchs kee Prabbeli

    Betekenis 2: motregenen; miezeren

Werkwoordvervoeging

Infinitief
fisemen
Voltooid deelwoord
gefisemt
Hulpwerkwoord
hunn
Aantonende wijs · Tegenwoordige tijd
hien / hatt / si
fisemt
Aantonende wijs · Voltooid tegenwoordige tijd
hien / hatt / si
huet gefisemt
Aantonende wijs · Voltooid verleden tijd
hien / hatt / si
hat gefisemt
Voorwaardelijke wijs · Tegenwoordige tijd
hien / hatt / si
géif / géing fisemen
Voorwaardelijke wijs · Verleden tijd
hien / hatt / si
hätt gefisemt

Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0

→