fonkelen

Lëtzebuergesch
English
to shine
Français
briller
Deutsch
funkeln
Woordsoort
VRB
Hulpwerkwoord
hunn
Voltooid deelwoord
gefonkelt

Uitspraak (IPA)

[fˈoŋkələn]

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • fonkelen
  • fonkelt
  • gefonkelt

Werkwoordvervoeging

Infinitief
fonkelen
Voltooid deelwoord
gefonkelt
Hulpwerkwoord
hunn
Aantonende wijs · Tegenwoordige tijd
hien / hatt / si
fonkelt
si
fonkelen
Aantonende wijs · Voltooid tegenwoordige tijd
hien / hatt / si
huet gefonkelt
si
hu gefonkelt
Aantonende wijs · Voltooid verleden tijd
hien / hatt / si
hat gefonkelt
si
hate gefonkelt
Voorwaardelijke wijs · Tegenwoordige tijd
hien / hatt / si
géif / géing fonkelen
si
géifen / géinge fonkelen
Voorwaardelijke wijs · Verleden tijd
hien / hatt / si
hätt gefonkelt
si
hätte gefonkelt

Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0

→