Härchen

Lëtzebuergesch
English
man; gentleman [title, form of address]; lord of the manor; priest
Français
monsieur [homme]; monsieur [titre]; maître; curé
Deutsch
Herr [Mann]; Herr [Anrede]; Herr [Gebieter]; Pfarrer
Woordsoort
SUBST M
Meervoud
Härercher

Uitspraak (IPA)

[hˈɛːɐ̯ɕən]

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • Härchen
  • Härercher

→