Lëtzebuergesch
- English
- hotelier
- Français
- hôtelière
- Deutsch
- Hotelierin
- Woordsoort
- SUBST F
- Meervoud
- Hotelièren
[oːtˈæli̯ɛːʀ]
Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.
d'Hotelière wëllt hiren Hotel virun der Touristesaison renovéieren
Betekenis: hoteleigenares; hotelhoudster