Limite

Lëtzebuergesch
English
limits; limit [of what is possible]
Français
limite [spatiale]; limite [seuil critique, degré extrême]
Deutsch
Grenze [Begrenzung]; Grenze [des Zulässigen, Äußerstes]
Woordsoort
SUBST F
Meervoud
Limitten

Uitspraak (IPA)

[limˈit]

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • Limite
  • Limitten

→