neelen

Lëtzebuergesch
English
to nail
Français
clouer
Deutsch
nageln
Woordsoort
VRB
Hulpwerkwoord
hunn
Voltooid deelwoord
geneelt

Uitspraak (IPA)

[nˈeːlən]

Betekenissen en vertalingen

Betekenis 1

Deutsch
nageln (mit Nägeln befestigen)
Français
clouer (fixer avec des clous)
English
to nail (to fasten with nails)
Português
pregar (fixar com pregos)
Nederlands
nagelen (vastnagelen)

Gebruiksnotities

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • geneelt
  • geneeltem
  • geneelten
  • geneelter
  • neel
  • neelen
  • neels
  • neelt

Voorbeeldzinnen

  1. ech hunn dat neit Schëld un d'Paart geneelt

    Betekenis: nagelen

Werkwoordvervoeging

Infinitief
neelen
Voltooid deelwoord
geneelt
Hulpwerkwoord
hunn
Aantonende wijs · Tegenwoordige tijd
ech
neelen
du
neels
hien / hatt / si
neelt
mir
neelen
dir
neelt
si
neelen
Aantonende wijs · Voltooid tegenwoordige tijd
ech
hu geneelt
du
hues geneelt
hien / hatt / si
huet geneelt
mir
hu geneelt
dir
hutt geneelt
si
hu geneelt
Aantonende wijs · Voltooid verleden tijd
ech
hat geneelt
du
has geneelt
hien / hatt / si
hat geneelt
mir
hate geneelt
dir
hat geneelt
si
hate geneelt
Voorwaardelijke wijs · Tegenwoordige tijd
ech
géif / géing neelen
du
géifs / géings neelen
hien / hatt / si
géif / géing neelen
mir
géifen / géingen neelen
dir
géift / géingt neelen
si
géifen / géingen neelen
Voorwaardelijke wijs · Verleden tijd
ech
hätt geneelt
du
häss geneelt
hien / hatt / si
hätt geneelt
mir
hätte geneelt
dir
hätt geneelt
si
hätte geneelt
Gebiedende wijs · Tegenwoordige tijd
du
neel!
dir
neelt!

Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0

→