Objekt

Lëtzebuergesch
English
object [grammatical]
Français
objet [grammatical]
Deutsch
Objekt [Satzglied]
Woordsoort
SUBST N
Meervoud
Objekter

Uitspraak (IPA)

[objˈækt]

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • Objekt
  • Objekter

→