Opfer

Lëtzebuergesch
English
victim
Français
victime [personne tourmentée, tuée]
Deutsch
Opfer [Person]
Woordsoort
SUBST N
Meervoud
Opfer

Uitspraak (IPA)

[ˈopfɐ]

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • Opfer

→