optrompen

Lëtzebuergesch
English
to boast
Français
crâner
Deutsch
auftrumpfen
Woordsoort
VRB
Hulpwerkwoord
hunn
Voltooid deelwoord
opgetrompt

Uitspraak (IPA)

[ˈoptʀompən]

Betekenissen en vertalingen

Betekenis 1

Deutsch
auftrumpfen (sich großtun)
Français
frimer; crâner
English
to show off; to boast
Português
vangloriar-se; gabar-se
Nederlands
opscheppen; pronken
Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • opgetrompt
  • optrompen
  • optromps
  • optrompt
  • opzetrompen

Voorbeeldzinnen

  1. de Wiert wollt mat sengem Wëssen optrompen

    Betekenis: opscheppen; pronken

Werkwoordvervoeging

Infinitief
optrompen
Voltooid deelwoord
opgetrompt
Hulpwerkwoord
hunn
Aantonende wijs · Tegenwoordige tijd
ech
trompen op
du
tromps op
hien / hatt / si
trompt op
mir
trompen op
dir
trompt op
si
trompen op
Aantonende wijs · Voltooid tegenwoordige tijd
ech
hunn opgetrompt
du
hues opgetrompt
hien / hatt / si
huet opgetrompt
mir
hunn opgetrompt
dir
hutt opgetrompt
si
hunn opgetrompt
Aantonende wijs · Voltooid verleden tijd
ech
hat opgetrompt
du
has opgetrompt
hien / hatt / si
hat opgetrompt
mir
haten opgetrompt
dir
hat opgetrompt
si
haten opgetrompt
Voorwaardelijke wijs · Tegenwoordige tijd
ech
géif / géing optrompen
du
géifs / géings optrompen
hien / hatt / si
géif / géing optrompen
mir
géifen / géingen optrompen
dir
géift / géingt optrompen
si
géifen / géingen optrompen
Voorwaardelijke wijs · Verleden tijd
ech
hätt opgetrompt
du
häss opgetrompt
hien / hatt / si
hätt opgetrompt
mir
hätten opgetrompt
dir
hätt opgetrompt
si
hätten opgetrompt
Gebiedende wijs · Tegenwoordige tijd
du
tromp op!
dir
trompt op!

Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0

→