verdillegen
Lëtzebuergesch
- English
- to eradicate; to polish off
- Français
- exterminer; liquider
- Deutsch
- vertilgen
- Woordsoort
- VRB
- Synoniem
- verdrécken
- Hulpwerkwoord
- hunn
- Voltooid deelwoord
- verdillegt
Uitspraak (IPA)
[fɐdˈiləʑən]
Betekenissen en vertalingen
Betekenis 1
- Deutsch
- vertilgen (vernichten)
- Français
- détruire; exterminer
- English
- to destroy; to eradicate
- Português
- erradicar; exterminar
- Nederlands
- verdelgen (uitroeien)
Betekenis 2
spreektaal
- Deutsch
- vertilgen (aufessen)
- Français
- liquider (finir en mangeant)
- English
- to demolish; to polish off
- Português
- enfardar; acabar com (consumir completamente)
- Nederlands
- naar binnen werken (verorberen, opeten)
Synoniemen
verdrécken
Spellingvarianten
Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.
- verdilleg
- verdillegen
- verdillegs
- verdillegt
- verdillegtem
- verdillegten
- verdillegter
Voorbeeldzinnen
mat dësem Mëttel verdillegt mäi Papp d'Onkraut am Gaart
Betekenis 1: verdelgen
nom Wisefest huet de Kommitee de Rescht Taart a Kuch verdillegt
spreektaal
Betekenis 2: naar binnen werken
Werkwoordvervoeging
- Infinitief
- verdillegen
- Voltooid deelwoord
- verdillegt
- Hulpwerkwoord
- hunn
Aantonende wijs · Tegenwoordige tijd
- ech
- verdillegen
- du
- verdillegs
- hien / hatt / si
- verdillegt
- mir
- verdillegen
- dir
- verdillegt
- si
- verdillegen
Aantonende wijs · Voltooid tegenwoordige tijd
- ech
- hu verdillegt
- du
- hues verdillegt
- hien / hatt / si
- huet verdillegt
- mir
- hu verdillegt
- dir
- hutt verdillegt
- si
- hu verdillegt
Aantonende wijs · Voltooid verleden tijd
- ech
- hat verdillegt
- du
- has verdillegt
- hien / hatt / si
- hat verdillegt
- mir
- hate verdillegt
- dir
- hat verdillegt
- si
- hate verdillegt
Voorwaardelijke wijs · Tegenwoordige tijd
- ech
- géif / géing verdillegen
- du
- géifs / géings verdillegen
- hien / hatt / si
- géif / géing verdillegen
- mir
- géifen / géinge verdillegen
- dir
- géift / géingt verdillegen
- si
- géifen / géinge verdillegen
Voorwaardelijke wijs · Verleden tijd
- ech
- hätt verdillegt
- du
- häss verdillegt
- hien / hatt / si
- hätt verdillegt
- mir
- hätte verdillegt
- dir
- hätt verdillegt
- si
- hätte verdillegt
Gebiedende wijs · Tegenwoordige tijd
- du
- verdilleg!
- dir
- verdillegt!
Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0
→