Weekend

Lëtzebuergesch
English
weekend; weekend home
Français
week-end; maison(nette) de vacances
Deutsch
Wochenende; Wochenendhaus
Woordsoort
SUBST M
Meervoud
Weekender
Synoniem
Weekendhaischen

Uitspraak (IPA)

[wˈiːkænt]

Betekenissen en vertalingen

Betekenis 1

Deutsch
Wochenende
Français
week-end
English
weekend
Português
fim de semana
Nederlands
weekend

Betekenis 2

Deutsch
Wochenendhaus
Français
maison(nette) de vacances
English
weekend home
Português
casa de fim de semana
Nederlands
weekendhuisje

Synoniemen

Weekendhaischen

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • Weekend
  • Weekender

Voorbeeldzinnen

  1. ech fuere fir de verlängerte Weekend op d'belsch Plage

    Betekenis 1: weekend

  2. mir mussen nach ofmaachen, wat mer de Weekend ënnerhuelen

    Betekenis 1: weekend

  3. mir hunn e Weekend am Éislek

    Betekenis 2: weekendhuisje

Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0

→