zouklaken

Lëtzebuergesch
English
to bang (shut)
Français
claquer
Deutsch
zuknallen
Woordsoort
VRB
Synoniem
zouknuppen
Hulpwerkwoord
hunn
Voltooid deelwoord
zougeklaakt

Uitspraak (IPA)

[tsˈəʊklaːkən]

Betekenissen en vertalingen

Betekenis 1

Deutsch
zuknallen
Français
claquer (fermer en claquant)
English
to slam (shut); to bang (shut)
Português
bater com (fechar batendo com força)
Nederlands
dichtsmijten

Synoniemen

zouknuppen

Gebruiksnotities

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • zougeklaakt
  • zougeklaaktem
  • zougeklaakten
  • zougeklaakter
  • zouklaaks
  • zouklaakt
  • zouklaken
  • zouzeklaken

Voorbeeldzinnen

  1. wéi en erausgoung, huet e vu Roserei d'Dier hanner sech zougeklaakt

    Betekenis: dichtsmijten

Werkwoordvervoeging

Infinitief
zouklaken
Voltooid deelwoord
zougeklaakt
Hulpwerkwoord
hunn
Aantonende wijs · Tegenwoordige tijd
ech
klaken zou
du
klaaks zou
hien / hatt / si
klaakt zou
mir
klaken zou
dir
klaakt zou
si
klaken zou
Aantonende wijs · Voltooid tegenwoordige tijd
ech
hunn zougeklaakt
du
hues zougeklaakt
hien / hatt / si
huet zougeklaakt
mir
hunn zougeklaakt
dir
hutt zougeklaakt
si
hunn zougeklaakt
Aantonende wijs · Voltooid verleden tijd
ech
hat zougeklaakt
du
has zougeklaakt
hien / hatt / si
hat zougeklaakt
mir
haten zougeklaakt
dir
hat zougeklaakt
si
haten zougeklaakt
Voorwaardelijke wijs · Tegenwoordige tijd
ech
géif / géing zouklaken
du
géifs / géings zouklaken
hien / hatt / si
géif / géing zouklaken
mir
géifen / géingen zouklaken
dir
géift / géingt zouklaken
si
géifen / géingen zouklaken
Voorwaardelijke wijs · Verleden tijd
ech
hätt zougeklaakt
du
häss zougeklaakt
hien / hatt / si
hätt zougeklaakt
mir
hätten zougeklaakt
dir
hätt zougeklaakt
si
hätten zougeklaakt
Gebiedende wijs · Tegenwoordige tijd
du
klak zou!
dir
klaakt zou!

Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0

→